25 feb. 2026
Schriftelijke vragen Verstoring dassen in NNN-gebied bij Lage Vuursche
Om in Lage Vuursche een theehuis te bouwen midden in NNN-gebied, verleende Gedeputeerde Staten voor de Das een ontheffing. Inmiddels is op die plek het restaurant Volkslust gerealiseerd in plaats van het theehuis. In de ontheffing werd toestemming verleend voor het bouwen, de exploitatie en het leggen van kabels. De ontheffing was geldig van 17 oktober tot 30 november 2024. Deze ontheffing en de daarin opgenomen voorschriften zijn onherroepelijk geworden door een uitspraak van de Raad van State. Mocht de looptijd onvoldoende zijn om de werkzaamheden uit te voeren, dan moest uiterlijk drie maanden voor het einde van de looptijd een nieuwe ontheffing worden aangevraagd, zo blijkt uit voorschrift 18. Dat was uiterlijk 30 augustus 2024. De exploitatie startte op 1 maart 2025 en volgens krantenberichten werden er in januari 2025 nog kabels aangelegd, ruim 4 maanden na het aflopen van de ontheffing.
De Partij voor de Dieren heeft de indruk dat de onherroepelijke voorschriften niet worden nageleefd en is bang dat er niet wordt gehandhaafd op overtredingen van de voorschriften. Vandaar de volgende vragen aan Gedeputeerde Staten.
Vragen
Vraag 1
Voorschrift 14 verbood de bouw in de voorplantingsperiode van de Das. Toch werd de uitspanning grotendeels juist in de voortplantingsperiode gebouwd. Dit werd ook tijdens de bouw vastgesteld door de RUD, maar er werd niet gehandhaafd en de bouw is doorgegaan. Waarom werd voorschrift 14 niet gehandhaafd?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Door de toezichthouder en ecoloog is destijds geconcludeerd dat het perceel mogelijk wel als foerageergebied gebruikt werd door de das, maar dat dit niet essentieel was voor het leefgebied van de das. De nog resterende werkzaamheden zouden daarom naar verwachting geen negatief effect hebben gehad op de dassenburcht, die ruim 800 meter verderop ligt. Gelet op deze afstand werd ook geen verstoring van de das verwacht. De door de initiatiefnemer genomen maatregelen met betrekking tot de bouwwerkzaamheden waren voldoende om een overtreding te voorkomen.
Vraag 2
Volgens voorschrift 15 mocht de uitspanning uitsluitend worden geëxploiteerd op maandag tot en met vrijdag tussen 11.00 en 17.00 uur, op zaterdag tussen 10.00 en 17.00 uur en op zondag tussen 10.00 en 19.00 uur. Gedeputeerde Staten motiveerden dit voorschrift als volgt:
"Dassen kunnen tijdens het foerageren verstoord worden door recreanten. Deze verstoring kan gevolgen hebben voor de functionaliteit van een burcht of foerageergebied. Om onnodige verstoring in de avonduren te voorkomen, is het geplande theehuis beperkt geopend. Het opnemen van de sluitingstijden van het theehuis in de ontheffing borgt dat er in de avonduren geen additionele verstoring van de das plaats zal vinden door activiteiten rond het theehuis."
Op 1 maart 2025 startte de exploitatie met langere openingstijden: doordeweeks tot 18.00 uur en in het weekend tot 21.00 uur. Voor nachtdieren zoals de das neemt hiermee de kans sterk toe dat dassen worden verontrust door mensen en honden, of zelfs worden doodgereden.
Zijn Gedeputeerde Staten het eens met de stelling dat de langere exploitatie in de avonden volgens hun eigen motivering de kans vergroot op 'additionele verstoring' en 'grotere gevolgen voor de functionaliteit van een burcht of foerageergebied'? Volgens de ODU had hiervoor geen nieuwe ontheffing aangevraagd hoeven worden. Waarom is dat zo?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Voorschrift 15 van de ontheffing betreft de exploitatie van een theehuis. Deze ontheffing is inmiddels verlopen per 30 november 2024. De verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming werden overtreden bij het bouwrijp maken van het plangebied voor de aanleg van het theehuis, waarbij leefgebied van de das werd weggenomen. De bouw- en exploitatieactiviteiten betreffen geen overtreding van verbodsbepalingen. Het leefgebied van de das is voorafgaand aan de bouwactiviteiten vernield, waarvoor een ontheffing is afgegeven op basis van voldoende compensatiemaatregelen. De exploitatie van het theehuis zorgt voor verkeer en reuring in de middaguren. Omdat de das een schemeractieve diersoort is, ondervindt de soort hiervan geen negatief effect.
In de huidige situatie wordt een restaurant geëxploiteerd. Dit is niet aangevraagd en beoordeeld op effecten op beschermde soorten zoals de das. Met de behandeling van een eerder ingediend handhavingsverzoek door de ODU zal duidelijk worden of de huidige exploitatie van het restaurant leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen waarvoor een vergunning noodzakelijk is.
Vraag 3
Waarom wordt voorschrift 15 nu niet gehandhaafd? Zal voorschrift 15 worden gehandhaafd voor het exploiteren? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Tijdens de looptijd van de ontheffing werd voorschrift 15 niet overtreden. Dit voorschrift beperkte zich tot de looptijd van de ontheffing. Het restaurant werd geopend nadat de looptijd van de ontheffing was verstreken. In theorie blijft handhaving wel mogelijk op grond van de Omgevingswet en het Besluit activiteiten leefomgeving. Het 'verlopen' van het voorschrift betekent dus niet dat er geen handhavende bevoegdheid meer zou zijn. Om te handhaven moet de ODU echter wel eerst een overtreding aannemelijk maken.
Vraag 4
Volgens krantenberichten werden er in januari 2025 nog kabels aangelegd — in de voorplantingsperiode van de Das, waardoor er grotere nadelige effecten kunnen optreden. Volgens voorschrift 18 had ook voor het leggen van de kabels uiterlijk op 30 augustus 2024 een nieuwe ontheffing moeten worden aangevraagd. Dit is nooit gebeurd.
Is het juist dat er in januari 2025 nog kabels werden aangelegd? En zo ja: zal de ODU handhavend optreden tegen deze overtreding? Zo ja, hoe?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
De ODU doet hier nog onderzoek naar naar aanleiding van het ingediende handhavingsverzoek.
Vraag 5
Volgens voorschrift 10 moest er een dassentunnel worden verbeterd en een nieuwe dassentunnel worden aangelegd als compenserende maatregel. De ODU heeft vastgesteld dat dit niet is gebeurd, en dat de overtreding op 1 mei 2026 moet zijn beëindigd. De Stichting Dassenwerkgroep Utrecht & 't Gooi heeft gewaarschuwd dat toestemming van grondeigenaars in de praktijk vaak niet wordt verkregen.
Hoe groot schatten Gedeputeerde Staten de kans dat de tunnels tijdig worden gerealiseerd? En als de overtreding niet tijdig wordt beëindigd: op welke wijze zal de ODU handhavend optreden?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Als een overtreding na een waarschuwingsbrief niet tijdig is beëindigd, volgt in het handhavingstraject meestal een last onder dwangsom. Voor deze specifieke casus moet de vervolgstap in het handhavingstraject nog worden bepaald en uitgevoerd door de ODU.
Vraag 6
De ODU heeft gesteld dat eventuele handhaving in verhouding moet staan met de gevolgen voor de overtreder. De uitspanning wordt aanmerkelijk langer in de avonden geëxploiteerd dan vermeld in voorschrift 15, en heeft volgens een krant aangegeven nog vaker en veel later in de avonden te mogen exploiteren.
Vinden Gedeputeerde Staten dit wenselijk voor de bescherming van de dassenclan en andere diersoorten in dit deel van het Natuurnetwerk Nederland? Zo ja, waarom? Zo nee, hoe willen Gedeputeerde Staten dat tegengaan?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
In de huidige situatie wordt een restaurant geëxploiteerd. Dit is niet aangevraagd en beoordeeld op effecten op beschermde soorten zoals de das. Met de behandeling van een eerder ingediend handhavingsverzoek door de ODU zal duidelijk worden of de huidige exploitatie van het restaurant leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen waarvoor een vergunning noodzakelijk is.
Indiener(s)
Olivia Butterman, Partij voor de Dieren
Om in Lage Vuursche een theehuis te bouwen midden in NNN-gebied, verleende Gedeputeerde Staten voor de Das een ontheffing. Inmiddels is op die plek het restaurant Volkslust gerealiseerd in plaats van het theehuis. In de ontheffing werd toestemming verleend voor het bouwen, de exploitatie en het leggen van kabels. De ontheffing was geldig van 17 oktober tot 30 november 2024. Deze ontheffing en de daarin opgenomen voorschriften zijn onherroepelijk geworden door een uitspraak van de Raad van State. Mocht de looptijd onvoldoende zijn om de werkzaamheden uit te voeren, dan moest uiterlijk drie maanden voor het einde van de looptijd een nieuwe ontheffing worden aangevraagd, zo blijkt uit voorschrift 18. Dat was uiterlijk 30 augustus 2024. De exploitatie startte op 1 maart 2025 en volgens krantenberichten werden er in januari 2025 nog kabels aangelegd, ruim 4 maanden na het aflopen van de ontheffing.
De Partij voor de Dieren heeft de indruk dat de onherroepelijke voorschriften niet worden nageleefd en is bang dat er niet wordt gehandhaafd op overtredingen van de voorschriften. Vandaar de volgende vragen aan Gedeputeerde Staten.
Vragen
Vraag 1
Voorschrift 14 verbood de bouw in de voorplantingsperiode van de Das. Toch werd de uitspanning grotendeels juist in de voortplantingsperiode gebouwd. Dit werd ook tijdens de bouw vastgesteld door de RUD, maar er werd niet gehandhaafd en de bouw is doorgegaan. Waarom werd voorschrift 14 niet gehandhaafd?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Door de toezichthouder en ecoloog is destijds geconcludeerd dat het perceel mogelijk wel als foerageergebied gebruikt werd door de das, maar dat dit niet essentieel was voor het leefgebied van de das. De nog resterende werkzaamheden zouden daarom naar verwachting geen negatief effect hebben gehad op de dassenburcht, die ruim 800 meter verderop ligt. Gelet op deze afstand werd ook geen verstoring van de das verwacht. De door de initiatiefnemer genomen maatregelen met betrekking tot de bouwwerkzaamheden waren voldoende om een overtreding te voorkomen.
Vraag 2
Volgens voorschrift 15 mocht de uitspanning uitsluitend worden geëxploiteerd op maandag tot en met vrijdag tussen 11.00 en 17.00 uur, op zaterdag tussen 10.00 en 17.00 uur en op zondag tussen 10.00 en 19.00 uur. Gedeputeerde Staten motiveerden dit voorschrift als volgt:
"Dassen kunnen tijdens het foerageren verstoord worden door recreanten. Deze verstoring kan gevolgen hebben voor de functionaliteit van een burcht of foerageergebied. Om onnodige verstoring in de avonduren te voorkomen, is het geplande theehuis beperkt geopend. Het opnemen van de sluitingstijden van het theehuis in de ontheffing borgt dat er in de avonduren geen additionele verstoring van de das plaats zal vinden door activiteiten rond het theehuis."
Op 1 maart 2025 startte de exploitatie met langere openingstijden: doordeweeks tot 18.00 uur en in het weekend tot 21.00 uur. Voor nachtdieren zoals de das neemt hiermee de kans sterk toe dat dassen worden verontrust door mensen en honden, of zelfs worden doodgereden.
Zijn Gedeputeerde Staten het eens met de stelling dat de langere exploitatie in de avonden volgens hun eigen motivering de kans vergroot op 'additionele verstoring' en 'grotere gevolgen voor de functionaliteit van een burcht of foerageergebied'? Volgens de ODU had hiervoor geen nieuwe ontheffing aangevraagd hoeven worden. Waarom is dat zo?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Voorschrift 15 van de ontheffing betreft de exploitatie van een theehuis. Deze ontheffing is inmiddels verlopen per 30 november 2024. De verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming werden overtreden bij het bouwrijp maken van het plangebied voor de aanleg van het theehuis, waarbij leefgebied van de das werd weggenomen. De bouw- en exploitatieactiviteiten betreffen geen overtreding van verbodsbepalingen. Het leefgebied van de das is voorafgaand aan de bouwactiviteiten vernield, waarvoor een ontheffing is afgegeven op basis van voldoende compensatiemaatregelen. De exploitatie van het theehuis zorgt voor verkeer en reuring in de middaguren. Omdat de das een schemeractieve diersoort is, ondervindt de soort hiervan geen negatief effect.
In de huidige situatie wordt een restaurant geëxploiteerd. Dit is niet aangevraagd en beoordeeld op effecten op beschermde soorten zoals de das. Met de behandeling van een eerder ingediend handhavingsverzoek door de ODU zal duidelijk worden of de huidige exploitatie van het restaurant leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen waarvoor een vergunning noodzakelijk is.
Vraag 3
Waarom wordt voorschrift 15 nu niet gehandhaafd? Zal voorschrift 15 worden gehandhaafd voor het exploiteren? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Tijdens de looptijd van de ontheffing werd voorschrift 15 niet overtreden. Dit voorschrift beperkte zich tot de looptijd van de ontheffing. Het restaurant werd geopend nadat de looptijd van de ontheffing was verstreken. In theorie blijft handhaving wel mogelijk op grond van de Omgevingswet en het Besluit activiteiten leefomgeving. Het 'verlopen' van het voorschrift betekent dus niet dat er geen handhavende bevoegdheid meer zou zijn. Om te handhaven moet de ODU echter wel eerst een overtreding aannemelijk maken.
Vraag 4
Volgens krantenberichten werden er in januari 2025 nog kabels aangelegd — in de voorplantingsperiode van de Das, waardoor er grotere nadelige effecten kunnen optreden. Volgens voorschrift 18 had ook voor het leggen van de kabels uiterlijk op 30 augustus 2024 een nieuwe ontheffing moeten worden aangevraagd. Dit is nooit gebeurd.
Is het juist dat er in januari 2025 nog kabels werden aangelegd? En zo ja: zal de ODU handhavend optreden tegen deze overtreding? Zo ja, hoe?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
De ODU doet hier nog onderzoek naar naar aanleiding van het ingediende handhavingsverzoek.
Vraag 5
Volgens voorschrift 10 moest er een dassentunnel worden verbeterd en een nieuwe dassentunnel worden aangelegd als compenserende maatregel. De ODU heeft vastgesteld dat dit niet is gebeurd, en dat de overtreding op 1 mei 2026 moet zijn beëindigd. De Stichting Dassenwerkgroep Utrecht & 't Gooi heeft gewaarschuwd dat toestemming van grondeigenaars in de praktijk vaak niet wordt verkregen.
Hoe groot schatten Gedeputeerde Staten de kans dat de tunnels tijdig worden gerealiseerd? En als de overtreding niet tijdig wordt beëindigd: op welke wijze zal de ODU handhavend optreden?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
Als een overtreding na een waarschuwingsbrief niet tijdig is beëindigd, volgt in het handhavingstraject meestal een last onder dwangsom. Voor deze specifieke casus moet de vervolgstap in het handhavingstraject nog worden bepaald en uitgevoerd door de ODU.
Vraag 6
De ODU heeft gesteld dat eventuele handhaving in verhouding moet staan met de gevolgen voor de overtreder. De uitspanning wordt aanmerkelijk langer in de avonden geëxploiteerd dan vermeld in voorschrift 15, en heeft volgens een krant aangegeven nog vaker en veel later in de avonden te mogen exploiteren.
Vinden Gedeputeerde Staten dit wenselijk voor de bescherming van de dassenclan en andere diersoorten in dit deel van het Natuurnetwerk Nederland? Zo ja, waarom? Zo nee, hoe willen Gedeputeerde Staten dat tegengaan?
Antwoord van Gedeputeerde Staten:
In de huidige situatie wordt een restaurant geëxploiteerd. Dit is niet aangevraagd en beoordeeld op effecten op beschermde soorten zoals de das. Met de behandeling van een eerder ingediend handhavingsverzoek door de ODU zal duidelijk worden of de huidige exploitatie van het restaurant leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen waarvoor een vergunning noodzakelijk is.
Indiener(s)
Olivia Butterman, Partij voor de Dieren