Partij voor de Dieren wil dat zwanen­houder stopt met zijn dier­on­vrien­de­lijke prak­tijken


28 juli 2008

Utrecht, 28 juli 2008 – De Partij voor de Dieren in Utrecht vindt dat de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) een zwanenhouder in Benschop moet verbieden zijn bedrijf nog langer voort te zetten. Het zogeheten zwanendriften is met ingang van 1 april dit jaar verboden, maar de man heeft van het ministerie van LNV toestemming gekregen nog vijf jaar door te gaan met zijn zeer dieronvriendelijke praktijken.

Het zwanendriften is een vorm van zwanenhouden die stamt uit de middeleeuwen. Het gaat om knobbelzwanen die worden gehouden voor hun veren, dons en vlees en soms ook als siervogel. De Raad voor Dierenaangelegenheden beoordeelde in 1998 het houden van zwanen als dieronvriendelijk. Daarop verbood de minister van LNV de bedrijfstak per 1 april 2008. Er gold een tienjarige overgangstermijn om de paar ‘zwanendrifters’ (zwanenhouders) in ons land de gelegenheid te geven ander werk te vinden.

De Partij voor de Dieren vindt het zwanendriften dieronvriendelijk, onder andere omdat de dieren worden geleewiekt. Dat wil zeggen dat de punt van één van de vleugels onverdoofd wordt afgehakt zodat de zwaan niet meer kan vliegen. Ook krijgen de zwanen een tatoeage van de eigenaar op hun snavel. Verder worden de dieren bij het vangen doorgaans zeer ruw behandeld.

De Partij voor de Dieren in Utrecht vernam van de Faunabescherming en particulieren dat in Benschop nog steeds een zwanendrifter actief is. Uit navraag bleek dat de man ontheffing heeft gekregen van de Flora- en faunawet, omdat de zwanen niet worden gehouden voor de productie maar voor verkoop als siervogel aan particulieren.

De Partij voor de Dieren Utrecht heeft bij het ministerie van LNV inmiddels een bezwaarschrift ingediend tegen het verlenen van de ontheffing, omdat die in strijd is met de Flora- en faunawet, het advies van de Raad voor Dierenaangelegenheden én de Gezondheids- en welzijnswet voor Dieren. Volgens de Partij voor de Dieren is de kans groot dat de knobbelzwanen doorverkocht worden voor de van de knobbelzwanen afkomstige producten. Het is ondoenlijk om te controleren of de verkochte knobbelzwanen daadwerkelijk als siervogel gehouden worden. Er is dan alsnog sprake van het houden van zwanen voor de productie, waardoor gehandeld wordt in strijd met de Flora- en faunawet. Bovendien is het op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor Dieren verboden om zwanen te leewieken.

Verder wijst de Partij voor de Dieren er op dat er grote maatschappelijke weerstand bestaat tegen de praktijken van de zwanendrifter. Ook is nauwelijks te controleren of de zwanen wel echt van hem zijn. De zwanendrifter kan heel gemakkelijk wilde zwanen merken en tot zijn eigendom maken.