Partij voor de Dieren wil meer onderzoek naar dier­vrien­de­lijke preven­tie­maat­re­gelen bij gewas­schade


7 april 2008

Huidige methoden werken onvoldoende

Afgelopen maandag organiseerde de Statenfractie van de Partij voor de Dieren Utrecht een miniforum over alternatieve preventiemaatregelen tegen gewasschade. Het doel van de bijeenkomst was om te onderzoeken of er betere mogelijkheden zijn om gewasschade te voorkomen zonder toepassing van jacht. Diederik van Liere van Animal Behaviour Consultancy CABWIM presenteerde een aantal maatregelen waardoor dieren al lerende begrijpen waar ze wel en niet mogen komen.

Belangrijkste conclusie van de dag was dat geen van de huidige door het Faunafonds voorgeschreven preventieve maatregelen werkt. De vogelverschrikker, het knalapparaat, de flitslamp: dieren raken er aan gewend en zien het niet als een bedreiging. Sterker nog: zij zien het na verloop van tijd als een signaal dat er eten te halen valt. De maatregelen lokken de dieren dan juist naar het gebied.
Er is een bizarre situatie ontstaan: een boer met schade aan gewassen moet volgens het Faunafonds eerst 2 maatregelen nemen waarvan hij weet dat ze niet werken, daarna kan hij een ontheffing aanvragen om dieren af te schieten en pas dan komt hij in aanmerking voor schadevergoeding. Maar de dieren blijven komen, omdat het perceel er voor hen nog steeds uitziet als een gedekte tafel.
De benadering van Van Liere is compleet anders maar veel effectiever: zorg dat de vogels niet op de landbouwgronden neerstrijken door ze te leren dat het daar niet goed voor hen is. Dat kan bijvoorbeeld door een lijn met vlaggetjes over het veld te spannen. Aangedreven door 2 motortjes op een zonnecel beweegt de draad over het veld zodat vogels niet landen. Het is 1 van de vele makkelijke alternatieve methoden om gewasschade te voorkomen. Statenlid Wanda Bodewitz van de Partij voor de Dieren: “In de huidige situatie lokken we dieren naar onze landbouwgronden waar we ze juist niet willen hebben. Door gebruik te maken van het lerend vermogen van dieren kunnen we ze lokken naar niet-landbouwgronden zoals dijklichamen, oevers en natuurterreinen waar ze naar hartelust kunnen foerageren”.

De Partij voor de Dieren ziet graag meer van dit soort ideeën ontstaan zodat deze ook op grote schaal toegepast kunnen worden ten einde een langdurig en kostbaar conflict tussen boer, dier en overheid te beëindigen.