Vragen over beschikking scha­de­be­strijding art. 68 Flora- en Faunawet - Eksters


Indiendatum: jul. 2010

Onderwerp: schriftelijke vragen ex art. 47 RvO aan het College van GS, gesteld door Wanda Bodewitz van de Partij voor de Dieren betreffende Beschikking schadebestrijding art. 68 Flora- en Faunawet.


Geacht college van gedeputeerde staten,


Toelichting

In een ontheffing van 6 juli 2010 laat Gedeputeerde Staten weten dat zij toestemming verleent voor het doden van eksters met behulp van het geweer ter voorkoming van pikschade aan fruit. Artikel 68 lid 1 Flora- en Faunawet noemt als voorwaarde voor het verlenen van een ontheffing voor het doden van dieren dat ‘er geen andere bevredigende oplossing bestaat’ ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen. De aanvrager van de vergunning heeft enkele preventieve maatregelen genomen (bijv. vlaggen, knalapparaten, vogelverschrikkers) die niet bevredigend bleken en is op grond van de eisen vanuit het Faunafonds niet verplicht om meer maatregelen te treffen. Aanvrager moet ten minste twee preventieve middelen hebben geprobeerd om voor een tegemoetkoming in aanmerking te komen.1 De Partij voor de Dieren is van mening dat er een andere ‘bevredigende oplossing’ bestaat dan afschot, namelijk het vogelafweersysteem dat gebruikt wordt in de boomgaard van ’t Olde Ras in Doesburg.2 Spreeuwen die daar de kersen aanvraten, konden met behulp van andere middelen niet geweerd worden, omdat zij gewend raakten aan de verschillende methoden. Dit nieuwe systeem blijft de vogels echter verrassen door geluiden op verschillende tijdstippen, waardoor geen gewenning optreedt.

Naar aanleiding van het voorgaande wil de fractie van de Partij voor de Dieren de volgende vragen stellen:

1. Bent u bekend met deze nieuwe methode voor het weren van vogels in boomgaarden? En bent u het er mee eens dat deze methode zich onderscheidt van de traditionele verjaagmethoden waarbij op vaste tijdstippen geluid gemaakt wordt of een vogelverschrikker continue op dezelfde plek in de boomgaard staat?

Eksters staan bekend als intelligente vogels die, zodra zij een bepaald patroon ontdekken in het geluid of de bewegingen van een afweermiddel, gewend raken aan dat middel en zich hier niet meer door laten verjagen. Telefonisch contact met de Vogelbescherming heeft dit bevestigd en deze is, net als wij, van mening dat een proef met een vogelafweersysteem zoals dat in Doesburg een grote kans van slagen heeft bij het verjagen van eksters in boomgaarden. Net als bij de spreeuwen is de kans klein dat gewenning optreedt, aangezien het systeem op verschillende momenten geluid maakt en beweegt.

2. Bent u bereid de mogelijkheden van een dergelijk systeem te onderzoeken en eventueel een proef met het systeem in werking te stellen? Zo ja, bent u tevens bereid om voor de periode van het onderzoek en de proef de vergunningverlening voor het afschieten van eksters op te schorten?


Namens de fractie van de Partij voor de Dieren en hoogachtend,

Wanda Bodewitz

Indiendatum: jul. 2010
Antwoorddatum: 21 sep. 2010

Onderwerp: Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 47 van het Reglement van Orde aan het College van Gedeputeerde Staten gesteld door 
W. Bodewitz van Partij voor de Dieren, betreffende de Beschikking schadebestrijding art. 68 Flora- en Faunawet (eksters) d.d. 27 juli 2010.

Hierbij de beantwoording van de schriftelijke vragen d.d. 22 juli 2010, van het statenlid mw. W. Bodewitz (PvdD), volgens artikel 47 Reglement van Orde Provincie Utrecht over de ontheffingverlening voor het afschot van eksters om schade aan de fruitteelt te voorkomen.


Toelichting
In een ontheffing van 6 juli 2010 laat Gedeputeerde Staten weten dat zij toestemming verleent voor het doden van eksters met behulp van het geweer ter voorkoming van pikschade aan fruit. Artikel 68 lid 1 Flora- en Faunawet noemt als voorwaarde voor het verlenen van een ontheffing voor het doden van dieren dat ‘er geen andere bevredigende oplossing bestaat’ ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen. De aanvrager van de vergunning heeft enkele preventieve maatregelen genomen (bijv. vlaggen, knalapparaten, vogelverschrikkers) die niet bevredigend bleken en is op grond van de eisen vanuit het Faunafonds niet verplicht om meer maatregelen te treffen. Aanvrager moet ten minste twee preventieve middelen hebben geprobeerd om voor een tegemoetkoming in aanmerking te komen. De Partij voor de Dieren is van mening dat er een andere ‘bevredigende oplossing’ bestaat dan afschot, namelijk het vogelafweersysteem dat gebruikt wordt in de boomgaard van ’t Olde Ras in Doesburg. Spreeuwen die daar de kersen aanvraten, konden met behulp van andere middelen niet geweerd worden, omdat zij gewend raakten aan de verschillende methoden. Dit nieuwe systeem blijft de vogels echter verrassen door geluiden op verschillende tijdstippen, waardoor geen gewenning optreedt.

Naar aanleiding van het voorgaande wil de fractie van de Partij voor de Dieren de volgende vragen stellen:
Bent u bekend met deze nieuwe methode voor het weren van vogels in boomgaarden? En bent u het er mee eens dat deze methode zich onderscheidt van de traditionele verjaagmethoden waarbij op vaste tijdstippen geluid gemaakt wordt of een vogelverschrikker continue op dezelfde plek in de boomgaard staat?

Antwoord: 
ja, wij zijn bekend met deze methode.
Nee, deze methode onderscheid zich niet wezenlijk van de traditionele verjaagmethode. In diverse boomgaarden worden nu al rammelende blikken langs kabels of touwen handmatig over de boomgaard geleid om vogels te weren. Op basis van ervaring weten de fruittelers dat uitsluitend onregelmatige verjaging op verschillende plaatsen in een boomgaard optimaal effect heeft, omdat anders gewenning optreedt. Er is dus in de regel geen sprake van vaste tijdstippen van verjagen (bron: handreiking Faunaschade van het Faunafonds, 2009).

Eksters staan bekend als intelligente vogels die, zodra zij een bepaald patroon ontdekken in het geluid of de bewegingen van een afweermiddel, gewend raken aan dat middel en zich hier niet meer door laten verjagen. Telefonisch contact met de Vogelbescherming heeft dit bevestigd en deze is, net als wij, van mening dat een proef met een vogelafweersysteem zoals dat in Doesburg een grote kans van slagen heeft bij het verjagen van eksters in boomgaarden. Net als bij de spreeuwen is de kans klein dat gewenning optreedt, aangezien het systeem op verschillende momenten geluid maakt en beweegt.

Bent u bereid de mogelijkheden van een dergelijk systeem te onderzoeken en eventueel een proef met het systeem in werking te stellen? Zo ja, bent u tevens bereid om voor de periode van het onderzoek en de proef de vergunningverlening voor het afschieten van eksters op te schorten?

Antwoord:
Nee, het onderzoeken van nieuwe schadebestrijdingsmethoden is in beginsel een (wettelijke) taak van het Faunafonds, zij heeft hiertoe de deskundigheid en de (financiële) middelen. Gelet hierop zijn wij niet voornemens dit specifieke systeem zelfstandig te gaan onderzoeken. Zie verder antwoord vraag 1.


Gedeputeerde Staten van Utrecht,

Voorzitter,

Secretaris,

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer