Bijdrage onderzoek reken­kamer Uithoflijn


17 december 2018

Bijdrage Provinciale Staten 17 december 2018 agendapunt 27: onderzoek Rekenkamer Uithoflijn agendapunt 27: onderzoek Rekenkamer Uithoflijn

Voorzitter,

De Partij voor de Dieren wil wederom de Randstedelijke Rekenkamer bedanken voor het degelijke, leesbare rapport.

Waar dit dossier voor ons verschilt van de Dolderseweg, is dat de Partij voor de Dieren wel altijd vóór de aanleg van de Uithoflijn is geweest. Stikstof, fijnstof, CO2: inwoners van de provincie Utrecht staan in de walmen van de plof-economie. De Uithoflijn zou daarvoor deel van een oplossing kunnen bieden, maar voorlopig biedt het slechts inzicht in het beperkt leervermogen van de provinciale organisatie en in de onvolledige, slechte informatievoorziening van GS aan Provinciale Staten. De parallellen met het dossier Dolderseweg zijn evident.

De Partij voor de Dieren heeft de indruk dat het politiek vertrouwen door het college als vanzelfsprekendheid is aangenomen. Een zwabberende aansturing van een project waarbij tientallen éxtra miljoenen – omdat dit nodig is om begonnen werk af te maken – uit de kas van de provincie worden geplukt. Dat een dergelijk project grandioos uit haar voegen barst is, op zijn zachtst gezegd zeer onwenselijk, maar vandaag niet ons grootste bezwaar.

Onzorgvuldigheid lijkt intrinsiek aan de verschillende niveaus en treden in dit proces. Dit heeft geen recht gedaan aan het uiteindelijke doel: een werkend tram vervoerssysteem (WTVS), maar heeft ons laten stranden in onderzoeken naar details die verklaren dat niemand waarachtig de integrale verantwoordelijkheid heeft gevoeld om het project binnen de gemaakte afspraken tot uitvoer te brengen, dat niemand de verantwoordelijkheid heeft genomen om tijdig de belangrijkste obstakels te delen met de - uiteraard kritische – volksvertegenwoordiging. Gedeputeerde Verbeek nam verantwoording, maar vertrok voordat het debat kon plaatsvinden. Het project is derhalve onttrokken aan het democratisch proces.

Fundamenteel is dat de controlerende taak van PS in dit dossier is bemoeilijkt. Dat is de kennis die wij nu hebben. Hoe vaak zullen wij dit nog moeten zeggen: “Dat is de kennis die wij nu hebben.”

Voorzitter, mijn fractie spreekt de wens en hoop uit dat vanavond de laatste keer is.

Ik dank u wel.

Hiltje Keller