Bijdrage Staten­voorstel Bodem­daling


30 september 2020

Voorzitter,

De Raad voor leefomgeving en infrastructuur concludeerde onlangs nog: zo kan het niet langer. Gelukkig wordt dat in deze Staten al jaren erkend. En ook in dit uitvoeringsprogramma zien we echt wel de goede intenties.

Toch blijft onze fractie zitten met het gevoel dat we ook met dit programma teveel pappen en te weinig nathouden. Er is een omslag nodig en we beseffen ons wel dat die omslag niet van de ene op de andere dag is gemaakt.

Zo zien we het belang van innovatie terugkomen in de eerste pijler. Dat is goed, maar hoe is dit anders dan wat we al jaren deden in de provincie? Ondertussen zakt de bodem alleen maar harder. Voor het daadwerkelijk afremmen en stoppen van bodemdaling moeten we breder denken en keuzes durven maken. In 2007 toen wij in deze Staten kwamen, hadden we het hier al over. Ook nu lees ik veel over onderzoek, pilots en kennis opdoen. Maar wat zijn we nu opgeschoten in die 13 jaar en hoe brengt dit programma ons daadwerkelijk verder? Daar heeft onze fractie twijfels over, want het programma ademt voor ons: faciliteren van wat we nu doen, zodat we dat kunnen blijven doen.

Dan het principe van functie volgt peil. Het water, de waterstaatkundig behoefte, zou leidend moeten zijn voor de ruimtelijke ordening. Daar hoort de vraag bij: welke functie past bij het gebied? Met de gedeputeerde sprak ik tijdens RGW over de motie Pappen en nathouden. Ik gaf aan dat de motie naar mijn idee niet als afgedaan kan worden beschouwd. de gedeputeerde verwees naar de gebiedsprocessen, waar dit zou moeten landen. Maar deze motie draagt het college op om beleid te wijzigen naar functie volgt peil. Dit vraagt dus ook om Ruimtelijk beleid. Hoe gaat de gedeputeerde dit dan laten landen in de gebiedsprocessen en krijgen we hier ook concrete terugkoppeling op van de gedeputeerde? En ook de Raad voor de Leefomgeving roept provincies op: stel zoneringskaarten op met gewenste functies (op langere termijn) en pas bestaand grondinstrumentarium toe. Is GS daartoe bereid?

Voorzitter, tot slot, natuurlijk zijn we blij met de verbeterde doelstelling (van 30 naar 50%) ten opzichte van de visie. Maar er wordt nog altijd uitgegaan van data uit 2008. De bodemdalingskaart uit 2018 mag dan gaan over verharde oppervlakten (ook ín het veenweidegebied), het laat wel degelijk zien dat we harder zakken dan gedacht. Dus hoe relevant is die data uit 2008 nog? Hoe voorzitter, weet je dan of je je doelstelling hebt gehaald, als het gemiddelde tijdverschil tussen metingen 51 jaar is? Dus hoe komen we er in 2030 achter of we die 50% gehaald hebben?

Als uitsmijtertje voorzitter,

Vanmiddag las ik een artikel van het AD dat stelt dat onderzoek van Deltares laat zien dat een miljoen huizen dreigt te verzakken door een laag grondwaterpeil. Het onderzoek van Deltares was in opdracht van het Verbond van Verzekeraars, die meteen lieten weten dat ze niks gaan uitbetalen, want het gaat hier niet om onvoorziene omstandigheden. Schade schatting loopt per woning uiteen van 500 tot 5000 euro, maar een deel moet rekenen op kosten die oplopen tot 120.000 euro. De totaalschatting tot 2050 bij ongewijzigd beleid loopt uiteen van 5 miljard tot wel 39 miljard. Het kenniscentrum Aanpak Funderingsproblematiek durfde een maand geleden de kosten voor1 miljoen verzakte huizen zelfs te stellen op 80 miljard euro, 80.000 euro gemiddeld per huis. Met andere woorden voorzitter, er is werk aan de winkel, vooral voor de politiek!

Dank u wel.

Interessant voor jou

Bijdrage Programma klimaatadaptatie 2020 - 2023

Lees verder

Bijdrage Kaderstelling regionale programmering wonen en werken

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer