Schrif­te­lijke vragen over het gebruik van plastic afval voor de aanleg van wandel­paden


Indiendatum: 24 feb. 2021

Geacht College van Gedeputeerde Staten,

Maandag 15 februari besteedde het programma ‘Pointer’ van KRO-NCRV aandacht aan het gebruik van recyclingsgranulaat[1]. Dit is vervuild, plastic (bouw)afval dat soms voor de aanleg van wegen, maar ook wandelpaden in natuurgebieden gebruikt wordt, bijvoorbeeld door Staatsbosbeheer. Wettelijk gezien mag dit in minimale hoeveelheden (tot 1%) verwerkt worden. Echter, in de praktijk worden ook grovere stukken plastic aangetroffen, die kunnen desintegreren tot microplastics en als zodanig de bodem kunnen vervuilen.

Naar aanleiding van bovenstaande hebben wij de volgende vragen.

1. Wordt ‘recyclingsgranulaat’ ook binnen de grenzen van de provincie Utrecht gebruikt? Zo ja, door welke organisaties of instanties?

2. Bent u bereid onderzoek te laten verrichten in welke gebieden en in welke hoeveelheden recyclingsgranulaat is of wordt gebruikt binnen de provincie Utrecht?

3. In hoeverre acht Gedeputeerde Staten recyclingsgranulaat geschikt materiaal om wandelpaden mee aan te leggen?

4. Zijn Gedeputeerde Staten gevallen van milieuverontreiniging, als gevolg van recyclingsgranulaat, bekend binnen de provinciegrenzen? Zo nee, bent u bereid hier onderzoek naar te laten verrichten?

5. Is Gedeputeerde Staten het met de Partij voor de Dieren eens dat plastic afval in geen enkele vorm in het milieu terecht mag komen, maar juist op verantwoorde, veilige wijze hergebruikt dient te worden?

6. Vindt u de gehanteerde norm van maximaal 1% vervuiling nog houdbaar, gegeven de almaar groeiende bewijslast van het gevaar van microplastics voor het milieu? Zo ja, waarom? Zo nee, bent u bereid uw standpunt hierover naar het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit te communiceren?

De Wet Bodembescherming stelt in artikel 13 dat ieder die op of in de bodem handelingen verricht en die weet of had kunnen vermoeden dat deze handelingen de bodem kunnen verontreinigen, verplicht is alle maatregelen te nemen om deze verontreiniging of aantasting te voorkomen, dan wel te beperken of ongedaan te maken.[2]

7. Is Gedeputeerde Staten het met de Partij voor de Dieren eens dat overheid en andere terreinbeheerders een voorbeeldfunctie en zorgplicht hebben, als het gaat om het voorkomen van zwerfafval, milieuverontreiniging in het algemeen en de verspreiding van microplastics in het bijzonder?

8. Voelt u zich als bevoegd gezag geroepen om Staatsbosbeheer en anderen die recyclingsgranulaat hebben gebruikt of gebruiken bij de aanleg van infrastructuur, te wijzen op bovengenoemde zorgplicht en, indien van toepassing, handhavend op te treden? Zo nee, waarom niet?

9. Bent u bereid om het gebruik van dergelijk recyclinggranulaat tenminste in gebieden waar u verantwoordelijk bent voor het beheer, te verbieden? Zo nee, waarom niet?


Namens de Partij voor de Dieren en hoogachtend,

Willem van der Steeg


[1] https://pointer.kro-ncrv.nl/plastic-in-de-bodem

[2] https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003994&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2017-01-01&g=2017-01-01