Vragen over extra bomenkap A27 / A12


Geacht college van Gedeputeerde Staten,

Toelichting

Op 22 juni j.l. heeft Rijkswaterstaat bekend gemaakt dat ten behoeve van de verbreding van de A27 / A12 méér bomen en struiken moeten verdwijnen dan eerder voorzien. Het gaat om maar liefst 28 hectare extra groen - bijna 42 voetbalvelden - wat zal sneuvelen.

Vragen

  1. Is het college op de hoogte van deze wijziging in het tracébesluit?
  2. Onze fractie vraagt zich af hoe kan het dat nu pas naar voren komt dat er extra groen moet verdwijnen. Kan het college hier uitleg over geven?
  3. Is het college eerder geïnformeerd over de gewijzigde plannen? Zo ja, wanneer?
  4. Was de gedeputeerde van de plan de Staten hierover in te lichten? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?
  5. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat dit een zeer onwenselijke ontwikkeling is?
  6. Vindt het college deze aanslag op de natuur in verhouding staan tot wat het ons als provincie oplevert (meer files en meer vervuiling)?
  7. Is het college bereid met Rijkswaterstaat in gesprek te gaan om tot een oplossing te komen en deze aangekondigde bomenslachting te voorkomen?
  8. Is het college bereid om er bij de minister op aan te dringen, met deze nieuwe inzichten, het gehele tracébesluit te herzien?

Namens de Partij voor de Dieren en hoogachtend,

Hiltje Keller

Antwoorddatum: 10 jul. 2018

Geacht college van Gedeputeerde Staten,

Toelichting

Op 22 juni j.l. heeft Rijkswaterstaat bekend gemaakt dat ten behoeve van de verbreding van de A27 / A12 méér bomen en struiken moeten verdwijnen dan eerder voorzien. Het gaat om maar liefst 28 hectare extra groen - bijna 42 voetbalvelden - wat zal sneuvelen.

Vragen

1. Is het college op de hoogte van deze wijziging in het tracébesluit?

Antwoord: Ja.

2. Onze fractie vraagt zich af hoe kan het dat nu pas naar voren komt dat er extra groen moet verdwijnen. Kan het college hier uitleg over geven?

Antwoord: Rijkswaterstaat heeft uitgelegd waardoor bekend is geworden dat er extra houtopstanden gekapt moet worden. Het verschil met de eerdere opgave van te kappen houtopstand buiten de EHS ( Natuumetwerk Nederland ) wordt door Rijkswaterstaat verklaard door:

  • correctie van onnauwkeurigheden in de topografische bestanden die de basis vormden voor de bepaling van de hoeveelheid te kappen en te compenseren houtopstand;'
  • voortschrijdend inzicht in benodigde kap voor werkterreinen en tijdelijke faseringsmaatregelen ;'
  • rekening houden met effecten van graafwerkzaamheden op bomen;'

3. Is het college eerder geïnformeerd over de gewijzigde plannen? Zo ja, wanneer?

Antwoord: Het college is tijdens de Bestuurlijke Stuurgroep Ring Utrecht op 13 juni 2018 in vertrouwen geïnformeerd over het voornemen een wijzing op het Tracébesluit 427 / 412 Ring Utrecht 2016 vast te stellen en er is een concept persbericht uitgereikt. Omdat de kap en compensatie plaatsvindt binnen de gemeente Utrecht heeft voorbereiding en afstemming plaatsgevonden tussen Rijkswaterstaat en de gemeente Utrecht.

4. Was de gedeputeerde van de plan de Staten hierover in te lichten? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Nee, het college was niet van plan om de Staten hierover apart te informeren. Het betreft een wijziging binnen de projectgrenzen van het in december 2016 genomen Tracébesluit. Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor de wijziging op het Tracébesluit en vanuit deze taak verantwoordelijk voor de communicatie betreffende de wijziging.

5. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat dit een zeer onwenselijke ontwikkeling is?

Antwoord: Het college is het met de Partij voor de Dieren eens dat kap van houtopstanden zo veel mogelijk
voorkomen moet worden. Rijkswaterstaat heeft geconcludeerd dat het noodzakelijk is om extra
houtopstanden te kappen voor de realisatie van het project Ring Utrecht.


6. Vindt het college deze aanslag op de natuur in verhouding staan tot wat het ons als provincie oplevert (meer files en meer vervuiling)?

Antwoord: De verbreding van de Ring Utrecht is onderdeel van afspraken die in 2010 tussen het Rijk, gemeente Utrecht en Provincie Utrecht gemaakt zijn om de bereikbaarheid van onze regio op peil te houden. Provinciale Staten hebben in februari 2011 kennis genomen van de gemaakte afspraken. ln het coalitie-akkoord is opgenomen:
"Binnen de coalitie wordt verschillend gedacht over nut en noodzaak van deze verbreding op de voorgestelde wijze. Gegeven de huidige omstandigheden en dit Rijksbesluit spreken de coalitiepartiien af dat de besluitvorming in Provinciale Staten van februari 2011 over de afspraken met het Rijk uitgangspunt blijft. Wij blijven ons inzetten voor de uitvoering van de afgesproken (bovenwettelijke) maatregelen die zorgen voor een goede inpassing en verbetering van de leefkwaliteit in de omgeving."


7. Is het college bereid met Rijkswaterstaat in gesprek te gaan om tot een oplossing te komen en deze aangekondigde bomenslachting te voorkomen?

Antwoord: Het college gaat er vanuit dat Rijkswaterstaat een zorgvuldige afweging maakt bij het kappen van houtopstanden. ln die zin heeft het college vertrouwen in de werkzaamheden van Rijkswaterstaat en is het college niet van plan om het gesprek met Rijkswaterstaat aan te gaan over nut en noodzaak van
de aangekondigde kap.


8. Is het college bereid om er bij de minister op aan te dringen, met deze nieuwe inzichten, het gehele tracébesluit te herzien

Antwoord: Het college houdt vast aan de in 2010 gemaakte afspraken. ln het licht van deze afpraken is het college niet bereid om er bij de minister op aan te dringen het Tracébesluit te herzien.


Namens de Partij voor de Dieren en hoogachtend,

Hiltje Keller