Bijdrage Land­bouw­visie


24 september 2018

Bijdrage Provinciale Staten 24 september 2018, agendapunt 12: Statenvoorstel Landbouwvisie,

Voorzitter,

Vergeleken met de visie van 2011 zien we in de visie die nu voorligt op een aantal punten verbetering [1]. We zien een steeds bredere wil en bereidheid om de transitie naar een klimaatneutrale, circulaire en natuurinclusieve landbouw in gang te zetten. Het besef dat de wijze waarop wij voedsel produceren en consumeren onhoudbaar is, dringt steeds verder door. Het roer moet om en daar lijkt dit college zich, net als minister Schouten, van bewust te zijn.

Onze fractie is blij dat in deze visie motie 108 is verwerkt, waarin wij in 2016 hebben gevraagd om een plan van aanpak voor de transitie naar biologische veehouderij. Wat wij daarin echter ook hebben gevraagd van het college is het formuleren van concrete doelen. En concrete doelen voorzitter – wij zijn niet de enige die dat is opgevallen bij het lezen van deze visie [2] – daar schort het nogal aan. We sluiten ons daarom aan bij de motie van D66 en andere partijen.

Dan, voorzitter, terug naar de inhoud. De huidige intensieve landbouwvormen overschrijden de grenzen van onze planeet. Wat volgens de Partij voor de Dieren daarom centraal zou moeten staan in de landbouwvisie is hoe we onze landbouw zo in kunnen richten dat ze binnen de draagkracht van de aarde valt. We lazen het begin deze maand weer in de Balans van 2018 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL): “Een ingrijpende verandering in het landbouw- en voedselsysteem is nodig om de langetermijndoelen van het klimaat-, milieu- en natuurbeleid te halen. De Nederlandse landbouw legt een aanzienlijke druk op het milieu. Een druk die samenhangt met de grote oppervlakte die de landbouw bestrijkt, en het grote aantal dieren dat er gehouden wordt.” Ofwel: het terugbrengen van de omvang van de landbouw, zowel in oppervlakte als in dieraantallen is noodzakelijk. Dat schreven eerder onder andere ook de SER [4] en de Rli [5]. De gedeputeerde gaf aan hier niet de instrumenten voor te hebben, maar dat kan volgens onze fractie niet betekenen dat wij als provincie deze adviezen dan maar naast ons neerleggen. Wij zouden graag een reflectie van het college willen vragen op deze adviezen.

Onze vragen zijn:

  • zou de gedeputeerde deze instrumenten wel willen hebben?
  • Komen de adviezen volgens GS tot uiting in de landbouwvisie van minister Schouten?
  • Is de gedeputeerde bereid hierover met de minister en in IPO verband het gesprek aan te gaan?

Daarnaast willen we het graag hebben over een ander instrument, namelijk het PAS. Het Programma Aanpak Stikstof zou de natuur moeten versterken, zo staat te lezen in deze visie. Op 25 juli 2018 bracht de Advocaat-Generaal van het Europees Hof van Justitie haar advies hierover uit. Zij is zeer kritisch over de wijze waarop het PAS bij de vergunningverlening vooruitloopt op toekomstige ruimte in de stikstofbelasting van Natura 2000 gebieden. Eigenlijk zegt de zij dat de manier waarop we in de vergunningverlening een voorschot nemen op mogelijke toekomstige depositieverlaging,niet voldoet aan de Europese habitatrichtlijn. Voorzitter, het kan niet zo zijn dat onze vergunningverlening in strijd is met Europese regelgeving gericht op het waarborgen van de biologische diversiteit. Wij willen daarom het college vragen een pas op de plaats te maken met uitgifte van vergunningen voor ontwikkelruimte in het kader van het PAS. Hiervoor dienen we een motie in.

Voorzitter, als het gaat om bodemdaling mag het duidelijk zijn dat de Partij voor de Dieren niet blij is met de geformuleerde ambities. Eerder deze maand stond het nog duidelijk vermeld in het NRC: Heel Holland Zakt. En dat niet alleen, de zeespiegel stijgt tegelijkertijd. Er komt nog een aparte visie op de bodemdaling, maar als deze visie vandaag wordt aangenomen stellen we toch al een zeker streven vast. Hoe leidend is deze ambitie voor de bodemvisie die gaat volgen? Een maatschappelijk aanvaardbare bodemdaling is veel te vrijblijvend en arbitrair en staat in schril contrast met de Noord-Hollandse ambitie om bodemdaling te stoppen. Het stoppen van de bodemdaling zou centraal moeten staan. Dán pas ga je kijken naar mogelijkheden voor rendabele landbouw niet andersom.

Voorzitter, ik begon mijn betoog met een verwijzing naar de landbouwvisie van 2011. In een aantal opzichten zien we verbetering. Op één, voor ons cruciaal, punt zien we dat duidelijk niet en dat is dierenwelzijn. Als we de gedeputeerde mogen geloven een zeer belangrijk onderwerp. Dat verklaart echter niet waarom het geen rol speelt in deze visie. Als je goed zoekt zie je dat het woord letterlijk twee keer terloops wordt genoemd, that’s it. Dat is in ieder geval meer dan in het regeerakkoord, maar minder dan in de visie van minister Schouten - waar het wel vier keer staat vermeld: we kunnen onze hoop dus ook niet vestigen op Den Haag.

Bijna een jaar geleden, 23 oktober 2017, werden de hoofdlijnen voor de landbouwvisie gepresenteerd en besproken. Dierenwelzijn was daarbij één van de hoofdlijnen. Een half jaar later, op 5 maart 2018, bespraken we in een andere bijeenkomst de basiselementen. Daar is dierenwelzijn nog specifiek benoemd door de gedeputeerde. Voorzitter, onze fractie kreeg zowaar het idee dat dierenwelzijn, net als in 2011, een plek zou krijgen in de provinciale landbouwvisie. Maar ergens in het afgelopen jaar moet het zijn gesneuveld. Als het gaat om gebrek aan instrumenten, waarom kon volgens de visie van 2011 de provincie nog wél bijsturen als dat nodig was voor dierenwelzijn? Waarom werd er destijds wél een aparte paragraaf aan gewijd? Wat is er in de afgelopen 7 jaar gebeurd? Voorzitter, we zijn benieuwd naar de reactie van de gedeputeerde. Onze fractie dient hierbij alvast een motie in.

Voorzitter, ik dank u wel.

Hiltje Keller

[1] Destijds hebben we gevraagd om een stop op megastallen en het toepassen van het voorzorgsprincipe in het kader van volksgezondheid. In dat opzicht is er inmiddels één en ander gebeurt.

[2] Gezien reacties van andere partijen in de commissie, zienswijzen van PCL en natuur en milieuorganisaties.

[3] Reactie gedeputeerde zal zijn: PS mogen voor uitwerkingsprogramma input geven. Bij eerdere sessies voor deze visie hebben we ook input mogen leveren. We zien wat dat heeft opgeleverd bij dierenwelzijn.

[4] SER 2016: https://www.ser.nl/nl/publicaties/adviezen/2010-2019/2016/duurzame-veehouderij.aspx

[5] Raad voor leefomgeving en infrastructuur 2018: https://www.rli.nl/publicaties/2018/advies/duurzaam-en-gezond