Bijdrage Ruim­te­lijke Struc­tuur­visie


12 december 2016

Provinciale staten van Utrecht in vergadering bijeen op 12 december 2016, ter behandeling van agendapunt 6: Statenvoorstel vaststelling PRS en PRV (herijking 2016)


Voorzitter,

Voor ons ligt de herijking van de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie en de daarbij horende verordening. In de ogen van de Partij voor de Dieren is het voorliggende document een rek- en strekoefening met de groene contouren, de rode contouren en het Natuur Netwerk Nederland als onderwerp. In dit rek- en strekdocument wordt uitgelegd hoe grenzen die onder druk staan kunnen worden opgerekt, verbogen en verlegd. Dit om tegengestelde belangen te verenigen: exploitatie van ruimte & natuur versus de intrinsieke waarde van natuur – welke bescherming behoeft en vooral níet gebaat is bij verstoring.

GS willen de belangen zo graag hand in hand laten gaan: ruimte geven aan economische ontwikkelingen terwijl de natuur daar dankbaar van mee profiteert. Maar Voorzitter, als u de biodiversiteit die nog in onze provincie resteert - en dat is slechts 15% van wat wij hier oorspronkelijk hadden - zou zien als flakkerend vlammetje dat bijna is uitgedoofd en u wenst haar aan te wakkeren met nóg meer ruimte voor exploitatie, dan heeft GS de natuur niet goed begrepen. Dan is het alsof een dovend vuur wordt aangewakkerd met water.

WATER

Over water gesproken: schoon grond- en oppervlaktewater is essentieel voor een duurzame drinkwatervoorziening. Toch is het zo dat de helft van de bronnen voor het winnen van drinkwater in Nederland niet aan de Europese Kader richtlijn Water voldoet! Het is verstandig geweest van de provincie Gelderland en Vitens dat zij dit jaar afspraken hebben gemaakt om waterbronnen schoon te houden - en daarmee de waterzuivering betaalbaar.

Zo heeft Vitens in 2014 in Zutphen en Nijmegen waterwinningen moeten sluiten omdat de zuivering onbetaalbaar werd. In de provincie Utrecht bestaat er in stedelijke gebieden het risico dat er grondwatervervuiling, en daarmee ook drinkwatervervuiling, plaatsvindt. Het lijkt de Partij voor de Dieren daarom verstandig om -net als in de provincie Gelderland- afspraken te maken met grond- en drinkwaterbedrijven. Hiermee houden wij onze waterbronnen schoon ende waterzuivering betaalbaar. Wij dienen hiertoe een motie in: ‘Schone drinkwaterbronnen’

Voorzitter,wegens de klimaatverandering zullen zich vaker extreme weersituaties voordoen. Problemen door overbelasting van afwateringssystemen komen met name voor in stedelijk gebied. Hier kan regenwater door verharde oppervlakten niet goed de bodem in. Een aantal gemeenten heeft daarom een afkoppel verordening vastgesteld en Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden heeft zelfs een impulsregeling vastgesteld. Dit komt de waterkwaliteit én afwatering in het stedelijk gebied ten goede. Bovendien bespaart het de gemeenten, het waterschap en indirect ook de provincie veel geld. Daarom dienen we een motie in waarin we de provincie verzoeken om -samen met de waterschappen- bij gemeenten aan te dringen op het vaststellen van dergelijke afkoppel verordeningen. Motie: ‘Gemeentelijke afkoppelingsverordening regenwater.’

STADSNATUUR

Verder over de stad gesproken, Voorzitter: binnen de rode contouren heeft de natuur méér dan een voet in de aarde. Aan Utrecht wordt vaak gerefereerd als een provincie met een hoge populatiedichtheid. We zouden de provincie echter in plaats daarvan ook kunnen aanduiden als een ‘dunbevolkte stad’. Het groen in de provincie is de ademruimte in een grotendeels verstedelijkte omgeving. Natuur op plaatselijk niveau zoals in bermen, de plantjes die zich weten te vestigen tussen tegels en langs kademuren en de vogels en vleermuizen die op daken, spouwen en gevels hun habitat vinden vormen een belangrijk onderdeel van de biodiversiteit. Op sommige plekken is de soortenrijkdom in de stad zelfs groter dan die op het platteland! Ook de stadsnatuur vertegenwoordigt derhalve een belangrijke waarde.

De Partij voor de Dieren vindt het belangrijk dat de provincie daarom aandacht heeft voor natuur die zich op lokaal niveau – in de bebouwde omgeving – manifesteert. Soms kunnen we als mens dingen doen, of juist laten, om stadsnatuur een kans te geven. Door ruimte te geven aan deze kleinschalige natuur kan een stadse omgeving vooruitgaan op het gebied van leefbaarheid, duurzaamheid en klimaatbestendigheid. Dit bijvoorbeeld door een betere afvoer van water en groene buffers tegen hitte en koude perioden. Ook biedt groen in de stad een kans voor de mens om de natuur te waarderen.

NATIONAAL NATUURNETWERK

Voorzitter, de natuur lijkt er in de aangewezen natuurgebieden dikwijls bekaaid eraf te komen dan in de stad. Zo geeft de provincie aan dat uitbreiding van commerciële activiteiten in het Nationale Natuur Netwerk mogelijk zijn, mits ze aansluiten op bestaande functies èn ze op reeds ‘verstoord terrein’ plaatsvinden. Voorzitter, welke logica ligt hieraan ten grondslag? Zijn we zo ver gezonken dat we louter proberen te redden wat er te redden valt en we de verstoorde natuur als een verstekeling achterlaten op een zinkend schip?

Is dit de mentaliteit van een provincie die met de decentralisatie van de natuur verantwoordelijk is geworden voor haar bescherming? Voorzitter, hoe moeilijk kan het zijn: van het kleine beetje natuur dat nog resteert in onze provincie en de natuurambitie die met het ‘Akkoord van Utrecht’ al danig naar beneden is verlegd, moet je afblijven. Laten we daarom niet gaan lopen trekken en duwen aan de contouren onder het mom van een ‘nee, tenzij’-principe. En laten we ons niet (natuur-)rijk rekenen met compensatiegedachten die het mooi doen op papier, maar in werkelijkheid leiden tot afkalving van het kleine beetje natuur dat nog over is.

KLIMAATNEUTRAAL

Voorzitter, zoals u weet: niet alleen de natuur staat onder druk, ook ons klimaatverkeert in een wankele positie. De provincie Utrecht heeft de ambitie om haar grondgebied in 2040 klimaatneutraal georganiseerd te hebben. Dat is mooi. Hoewel, de Partij voor de Dieren vindt: hoe eerder, hoe beter.

GS geeft echter aan dat het verduurzamen van onze energievoorziening erg langzaam verloopt gedurende de structuurvisieperiode. Toch zegt de provincie dat dit niet betekent dat haar ambitie van 2040 niet haalbaar is... Zij vertrouwt hiermee blind op innovatieve ontwikkelingen die nu nog niet bestaan. Voorzitter, hoe verstandig is het om toekomstbestendig beleid te formuleren op basis van nog niet bestaande technieken? Optimisme is een mooi goed maar levert voor zover wij weten geen energiebesparing op. Realisme is daarentegen nodig om een degelijk beleid te formuleren, Voorzitter: Realisme én ambitie!

De urgentie van klimaatopwarming is zodanig hoog, dat louter de hóóp op innovatieve ontwikkelingen niet verantwoord is. Daarom dienen we een motie in met het verzoek een concreet plan van aanpak op te stellen dat aansluit bij de ambitie om het grondgebied van de provincie in 2040 klimaatneutraal te organiseren. Zie: motie ‘Plan van aanpak 100% duurzame energie in 2040’

LANDBOUW

Voorzitter, in het Coalitieakkoord staat dat de provincie de biologische landbouw wil stimuleren. De provincie heeft zich tevens voorgenomen om een duidelijke voortrekkersrol aan te nemen ten aanzien van de verduurzaming van de landbouw. Maar Voorzitter, het aantal biologische landbouwbedrijven in Utrecht is de afgelopen jaren niet toegenomen, maar afgenomen! Dit terwijl de vraag naar biologische producten sneller stijgt dan het aanbod en de biologische landbouw bijdraagt aan provinciale doelen op het gebied van milieu, water en natuur. De Partij voor de Dieren kan daarom niet anders concluderen dan dat inzet van de provincie voor een transitie naar biologische veehouderij een farce is...

Dit wordt nog eens bevestigd door het voornemen om schaal vergroting toe te staan voor de grondgebonden veehouderij want Voorzitter, als het aan de provincie ligt mogen bouwpercelen van 1,5 hectare worden uitgebreid naar maar liefst 2,5 hectare! De voorwaarden die hieraan verbonden zijn: een goede landschappelijke inpassing, verbetering dierenwelzijn, vermindering milieubelasting en verbetering volksgezondheid – zijn niet haalbaar door middel van schaalvergroting. Integendeel. Dierenwelzijn, het milieu en volksgezondheid hebben zelden baat bij industrialisering en schaalvergroting.

Een kleinschalige, biologische veehouderij is wat betreft de Partij voor de Dieren het enige bestendige perspectief voor de veehouderij-sector. Op de toenemende vraag naar biologische producten kunnen wij nu inspelen. Iedereen heeft hier baat bij: de boer, de natuur, volksgezondheid, de economie, de dieren, het milieu én de generaties na ons! Om deze reden dient de Partij voor de Dieren twee moties in. De eerste verzoekt om de ambities uit haar eigen coalitieakkoord concreet te maken: we vragen de provincie namelijk om doelen te formuleren wat betreft het stimuleren van de biologische landbouw. In de tweede motie roepen we op om géén uitbreiding van het bouwperceel van 1,5 naar 2,5 hectare toe te staan voor de grondgebonden veehouderij.

GROENE AMBITIE

Voorzitter, de Partij voor de Dieren hoopt dat er bij een volgende herijking van de Ruimtelijke Structuurvisie meer ambitie wordt neergelegd. Voor nu roepen we de coalitie op om -ondanks haar afwachtende en terughoudende instelling- in de uitvoering van de Structuurvisie de intenties waar te maken voor het behoud, de bescherming en de verbetering van de natuur in de provincie Utrecht.

Voorzitter, ik dank u wel.

Hiltje Keller – Partij voor de Dieren